Hersenactiviteit meten

Het meten van hersenactiviteit (door middel van EEG of NIRS) wordt in onderzoekscentra over de hele wereld gedaan om de ontwikke­ling van kinderen te onderzoeken. Wanneer een kind bijvoorbeeld naar een plaatje kijkt, naar taal luistert, maar ook wanneer het andere mensen in zijn omgeving observeert of zich verbaast, zijn er in de hersenactiviteit bepaalde patronen te ontdekken. Door de hersenactiviteit precies te onderzoeken kunnen we inzicht krijgen in wat er omgaat in het hoofd van het kind. Omdat hele jonge kinderen nog niet in staat zijn om ons te vertellen hoe ze andere mensen zien of hoe ze het luisteren naar gesproken taal beleven, is het moeilijk om erachter te komen hoe vroege cognitieve ontwikkeling in z'n werk gaat. Met behulp van de methode die wij gebruiken, kunnen we toch inzicht krijgen in vroege ontwikkelingsprocessen. Uiteraard zijn deze methoden kindvriendelijk en volledig veilig.

NIRS

Eén van de methoden die in ons onderzoek gebruikt wordt, is het meten van hersenactiviteit met behulp van NIRS (Near infrared spectroscopy). Hiervoor krijgt het kind op het hoofd een speciaal soort high-tech muts met sensoren die het zuurstofgehalte van de verschillende hersengebieden van de baby kunnen meten. De sensoren sturen licht uit en meten hoeveel van dit licht gereflecteerd wordt door de verschillende hersengebieden. De hoeveelheid gereflecteerd licht hangt af van het zuurstofgehalte en kan ons
zo iets vertellen over welke gebieden in de hersenen actief zijn.

EEG

Een andere methode om hersenactiviteit te meten is een EEG (electroencephalogram). Hiervoor wordt ook gebruik gemaakt van een speciaal soort high-tech badmuts, die de kleine elektrische golfjes kan oppikken die door de hersenen van het kind worden geproduceerd.